21 september 2007

Kinderklets

Cadeau voor één dag
Raymond (3 jr.) nadat ik enthousiast ben onthaald als oppas voor de hele middag: "Kijk, kom snel kijken!!! Nieuwe race-auto's, wel zes!!! Nieuw, van Thomas en mij. En ook voor jou. Maar voor jou zijn ze alleen voor vandaag, hoor! Je mag ze niet meenemen naar huis."


Vriendje
Kim (9 jr.) in De Rechtbank tijdens het wachten totdat het publiek ein-de-lijk zit: "Juf, hoe heet jouw vriend?"
Op de één of andere manier zorgt die geheimzinnige sfeer in De Rechtbank toch altijd voor dit soort vertrouwelijke gesprekjes. Ik fluister zachtjes in haar oor dat ik geen vriend heb. Met grote ogen kijkt ze me verschrikt aan en vol ongeloof en met Heul Veul dramatiek in haar stem zegt ze: "Náááááh, maar dát is rááár. oud en dan geen vriend?" Ik leg haar uit dat oud zijn niet automatisch betekent dat je een vriend hebt. Ze knikt begrijpend, maar besluit haar betoog met een overtuigend: "Maar.. je bent hartstikke knap. Hoe kan dat nou?"


Raar
Thom, Raymond & ik gingen vandaag met de bus naar het zwembad om het zwembad eens van binnen te bekijken. In mijn naïviteit liep ik automatisch naar de bushalte vlak bij mijn huis, me niet realiserend dat er nét iets dichterbij ook nog een halte is, daar waar ze dus normaal opstappen. An sich geen probleem, ware het niet dat Thom autistisch is en hierdoor in de war raakte. Je kunt hem ook niet zonder uitleg zomaar naar een andere bushalte slepen. Dom van mij ;-) . Het zorgde wel voor een mooi gesprek...:

Thom: "Ik ben boos op jou."
Sana: "Oh. Waarom ben je boos op mij?"
Thom: "Omdat je raar doet."
Sana: "Waarom doe ik raar dan, maak ik het ingewikkeld, met de bus?"
Thom: "Niet 'ingewikkeld' zeggen!! (Op de één of andere manier vindt hij dat een eng woord.)
Sana: "Ow sorry. Oké. Wat is er nu raar dan?
Thom: "Jij bent raar. Jij bent ingewikkeld!! Ja!"
Sana: "Oké... ik snap het. We gaan ook naar een gekke bushalte he?
Thom: "Ja. En nu stil zijn. Niet meer over praten."
Sana "Goed."

Even later...., een paar straten verder..

Sana: "Ben ik nog raar?"
Thom: "Ja!"
Sana: "Oh. Jammer. Wanneer ben ik niet meer raar?"
Thom: "Als we straks in de bus zitten." (Oftewel; als alles weer is zoals normaal, zoals gepland, zoals omschreven in mijn structuurtje.)
Sana: "Ok, dat vind ik fijn. Dan hoop ik dat de bus snel komt."
Thom: "Ja, ik oooook!"

20 september 2007

Scheve communicatie

- We moeten echt die.. eh... die... die kokoslikeur weer kopen, hoor.
Bailey's, bedoel je?
- Ja! Die ja!
Maar...., dat smaakt helemaal niet naar kokos!
- Nee, weet ik. Maar ik was het ff vergeten en ik wist dat als ik dat zei, dat jij het dan zou snappen.

19 september 2007

Waarom ik van kinderen hou

"Mijn juf van jazz heet ook Sana. Die is ook heel lief.
Oh nee. Jij bent eigenlijk wel ietsje liever."

Ik slik een impulsieve reactie in en kijk haar enkel wat schaapachtig aan. Haar grote blauwe ogen stralen pure onschuld en goudeerlijkheid uit.

"Wat is er nou? Het is gewoon écht zo."

Klaagzang

"Ik heb echt respect voor alle mensen met chronische pijn of RSI in hun klauwen", snifte ik gisteren huilend op haar schouder, "want ik geloof dat ik daar heel slecht in zou zijn..."

Het Ding wat niet in mijn RECHTER(!!) pols hoort, maar daar wel al ruim 7 jaar gezellig ingekapseld zit, is bezig met territoriumuitbreiding met als gevolg dat ik met links typ, met links mijn vork hanteer, na het plassen met links mijn broek dicht knoop (en ja, mijn billen dus ook met links afveeg) en met links in mijn neus peuter mijn tanden stralend schoon poets.

Mijn rechterarm bungelt er als een overbodige zoutzak bij. Ik stel dan ook voor dat we ons langzaam gaan evolueren tot een mensch met losse onderdelen welke je met een klittenbandje naar believen bij elkaar kunt sprokkelen en op zijn tijd kunt vernieuwen of bij ontevredenheid gewoon kunt ruilen. (Behalve als je in het theater werkt, dan krijg je drukknoopjes. Anders hoor je constant 'Krggkkgkkk' bij het lostrekken van je klittenbandjes. Dat is niet leuk voor het publiek.)

En natuurlijk is er ook een voordeel. Mijn fijne motoriek behoeft aan die zijde wel wat oefening, maar de constante pijn en het vrijwel niets kunnen maakt me loeisacherijnig en licht wanhopig. Hoe moet dat nou met al die tingz toe doe? Typwerk voor school, badmintonnen en volleyballen op stage, gekke dansjes in onze musicalvoorstelling, oppassen en dus heel veel stoeien met 2 hyperactieve kleuters?
Bah. Ik houd niet van beperkingen en doorgaans beschouw ik beperkingen vooral als overschrijdbare en verlegbare grenzen. Uitdagingen. (Hier ligt overigens ook de oorzaak van Het Ding. Ik denk dat ik dit als een levensles moet beschouwen, ofzo. Klotezooi. Mag het ook gewoon een keer makkelijk en als vanzelf gaan?)

Pijn. Ik heb pijn. Alsof er constant een piepklein kaboutertje met een nog kleiner beiteltje één van mijn middenhandsbeentjes probeert te transformeren tot een minivrijheidsbeeld. De hele dag door, bij elke hand die ik schud en elk ding wat ik tracht op te pakken. En nee, ik slik geen pijnstillers want het kreng Het Ding moet krimpen door rust. Pijnstiller is geen pijn is geen rust is dóóóórgaan is een nog groter Ding en uiteindelijk nog meer ellende. En nee, het liefst wil ik het er ook niet over hebben of het laten merken. Maar na 10 minuten badmintonnen op stage heb ik mijn racket ingeleverd en kwam ik aan het eind van de dag jankend thuis. Kortom; niet zo handig. Tot zondagavond 19.00 uur doe ik niks meer. Daarna is het over namelijk.

Zo.
Einde klaagzang.

16 september 2007

Geheim verbond

Mijn hoofd rust op mijn handen die op hun beurt losjes gevouwen op de rand van de balustrade rusten. Ik zit, omringd door mijn 40 medespelers, muisstil op de tribune van de rechtbank en kijk brutaal de zaal in, daar waar naar wij hopen 478 enthousiastelingen hun roodfluwelen plekje in de grote stadsgehoorzaal opzoeken. De voorstelling moet nog beginnen, maar dit moment behoort zeker tot één van mijn lievelingsmomenten. Een heus genotje. Het voelt als een heerlijk complot dat wij daar achter dat zwarte gaasgordijn onzichtbaar zijn voor de mensen in de zaal, maar dat wij hen ongegeneerd zitten te begluren.

Links van me zit Hanne van 8. Een klein en perfectionistisch wezentje met een pracht van een stem. Het is haar eerste keer en ze is erg zenuwachtig. Haar handen friemelen in haar schoot, ze haalt af en toe diep adem en kijkt met grote ogen de zaal in. Allemachies, wat een mensen. Zachtjes fluistert ze me in dat ze zo bang is dat ze straks haar tekst niet meer weet, want ze weet –vertelt ze me heel wijs en zelfbewust- inmiddels wel dat als ze zenuwachtig is, dat ze het dan zomaar vergeet. Ik geef haar een aai over de bol, stel haar gerust en als vanzelf glijdt haar kleine klamme en warme rechterhandje in mijn geopende linkerhand. Onze vingers verstrengelen en zo nu en dan geven we elkaar een klein kneepje, gewoon, om even te laten voelen dat we samen zijn. Samen wachten…

De 478 mensen zitten. Het is ze gelukt. Eindelijk, want oh, wat duurt dat wachten lang als je stil moet zijn. Het zaallicht dimt, de muziek start, de spot gaat aan en wij halen diep adem om het openingslied in te zetten. Zittend, met onze handen verstrengeld. Er is toch niemand die het ziet. Naast dat we zingen alsof ons leven er vanaf hangt, knijpen we elkaar ook nog regelmatig even tot moes. Na het eerste couplet gaan we staan, waardoor ik het handje van Hanne moet laten gaan. Het publiek hoeft immers niets van ons verbond te weten. Maar het geeft niet. Ik hoor haar loepzuiver de hoge 2e stem inzetten. En ik? Ik ben apetrots en zing net zo hard en hoog met haar mee.

Dan ineens voel ik een handje friemelen tegen mijn bovenbeen… Een kneepje in mijn knie. Ze bevestigt dat waarmee ik haar net gerust stelde. Zij voelt het nu ook. Het gaat goed, het komt goed.

En het kwam goed. Natuurlijk kwam het goed.
Stralend haalde Hanne haar applaus en kwam lekker tegen me aanleunen toen het publiek ons vereerde met een staande ovatie.

Wat zal ze lekker slapen vannacht…



Komt dat zien

Mijn tegenspeler na de grandioze première van gisteravond:
"Zeg, zullen we de laatste voorstelling a la Hair doen? Naakt?"

14 september 2007

Ohoh (zo'n 'oh' van 'hoe loopt dit af?')

Ik heb vandaag in de stad een gave jas gezien.
Oh?
(Zo'n verwachtingsvolle 'oh', zo één van 'goh, vertel! Hoe zag 'ie eruit, welke kleuren, welk model, wanneer ga je hem kopen?!?')

Hij was 119 euro.
Oh.
(Zo'n diep teleurgestelde 'oh' van 'laat maar dan, dat kun je shaken, dat heeft geen zin en nee, we gaan niet eens meer kijken of 'ie het niet stiekem tóch waard is'....)



Maar voor een beetje goede winterjas ben je dat toch sowieso wel kwijt?

Oh..!
(Zo'n 'oh' van 'hé, er gloort ineens een hele grote sprank hoop aan de horizon, dat is inderdaad heeeel normaal en ik negeer nu gewoon alle lichaamssignalen die me vertellen dat 119 euro best veel geld is!')



Van die dingen die eigenlijk niet kunnen

"Nou, en met die verpleegkundige heeft mevrouw ook al ruzie, de creatief therapeute vond ze een trut want beeldend vond ze stom en van de fysiotherapeut wil ze al helemaal niets meer horen. Bovendien heeft ze ook ruzie met haar mede-cliënt op de afdeling en heeft ze aangegeven dat ze graag een andere hoofdbehandelaar zou willen."

"Ach," sprak het hoofd psychiatrie en tevens hoofdbehandelaar van
de betreffende cliënt nuchter, "als we zo doorgaan vlucht ze misschien wel de genezing in."

13 september 2007

Hieehaaa!

Ik denk dat ik ziek word.
Ik heb net scenario 1 volbracht.

Bel de dokter.
Of -beter nog- de krant.

11 september 2007

Shock

Jan -binnen onze vereniging te vergelijken met Joop van den Ende binnen de musicalwereld- stapte op het podium en sprak de volgende legendarische woorden: ".... en we willen natuurlijk een prrrrachtige voorstelling neerzetten, dus vandaar dat is besloten dat er zaterdag een extra generale repetitie zal zijn. Zaterdagochtend voor cast 1 en zaterdagmiddag voor cast 2."


Maar natúúrlijk, Jan. Ik zal er zijn.
Doet me niks hoor, dat ik me volgens mijn strakke schema eigenlijk de hele zaterdag zou moeten vervelen en hooguit af en toe zou ademhalen.


Sjeisse.